KIWORKX Blog – Remmen Of Gas Geven

Remmen of gas geven?

Een dilemma dat iedereen zal herkennen; ‘moet ik nu remmen of juist gas geven?’ Bijvoorbeeld wanneer je als projectleider met onvoorziene feiten wordt geconfronteerd die voor het verdere verloop van jouw project cruciaal zijn maar die de planning die je naar de stakeholders hebt afgegeven drastisch in de war schoppen. ‘Gas er op!’ is dan onze primaire neiging waarbij we alles uit de kast halen om zowel de nieuwe feiten te verwerken als ook de afgegeven planning te halen. In zo’n situatie geldt dan het credo ‘het doel heiligt de middelen’ wat vrijwel altijd gepaard gaat met een ongemakkelijke kramp. Achteraf blijkt dan vaak dat een te hoge snelheid juist resulteert in een vertraging terwijl eerst vertragen de ruimte schept om vanuit te kunnen versnellen. Hoe werkt dit, wat is nu ‘de juiste snelheid’ en hoe kan dat jou helpen? Laat mij je meenemen naar een praktische situatie waarin het verschil er écht toe doet: motorrijden.

De juiste snelheid

Wanneer ik tijdens een rit op mijn weg wordt geconfronteerd met een onvoorziene scherpe bocht dan is de snelheid waarmee ik die bocht in ga bepalend voor alles wat daarna komt. Bij de juiste snelheid is dat een ware sensatie! Vanaf de buitenkant van mijn rijbaan, waardoor ik een zo optimaal als mogelijk zicht heb op eventuele tegenliggers, rij ik soepel de bocht in, hierbij als vanzelf de ideale lijn volgend. Mijn zwaartepunt ligt laag en ik voel mij één met mijn motor, mijn omgeving en de elementen. Ik ben volledig ontspannen waardoor ik feilloos aanvoel wat mijn motor doet en waardoor ik als dat nodig is direct kan bijsturen. De bocht duur eindeloos en ik geniet van het perfecte evenwicht tussen voorwaartse snelheid en de mij naar de buitenkant trekkende vliegkracht. Doordat mijn snelheid bij het ingaan van de bocht al klopte kan ik gedurende de bocht langzaam versnellen waardoor de banden van mijn motor een veel betere grip hebben op het wegdek. Tenslotte kom ik de bocht uit op de ideale plaats op de weg, iets links van het midden, en ben direct klaar voor de volgende bocht. ‘Lekker!’

Oeps, te snel!!

Rij ik de bocht te snel in dan geeft dat een totaal andere beleving. Wat dan volgt is een ongemakkelijke, stressvolle en bovendien risicovolle worsteling waarbij ik de hele exercitie alles op moet alles zetten om niet de bocht uit te vliegen. Al voor het inrijden van de bocht dringt zich dit besef aan mij op. ‘Oeps, te snel, corrigeren, nu!’ Mijn aandacht, adem en hartslag schieten omhoog waarbij mijn lichaam verkrampt en ik het contact met mijn motor verlies. De adrenaline giert door mijn lijf. Een gevecht tussen mij en mijn machine. Mijn motor wil de bocht uit terwijl ik dat naarstig probeer te voorkomen. Ik moet het gas loslaten, bij remmen en bijsturen om op de weg te blijven. Oog voor mijn omgeving of voor andere weggebruikers heb ik niet. Te langzaam kom ik de bocht uit waarna het nog een tijd duurt voordat ik mijn rust weer heb hervonden. Vooruit denkend aan bochten die nog gaan komen maakt een onzeker gevoel zich van mij meester.

Analyse

‘Au!’ Talloze malen heb ik met een plaatsvervangend gevoel van ongemak dergelijke worstelingen aanschouwd. In bedrijven, binnen non profit instellingen, op relationeel vlak tussen mensen en in de sport zoals in mijn geval aikido. Ook als manager en projectleider heb ik regelmatig zelf voor de keuze ‘remmen of gas geven?’ gestaan en, eerlijk is eerlijk, als het gaat om de boodschap die ik hier met je deel heb ik mij meer dan eens aan dezelfde steen gestoten. Te snel vooruit willen onder druk van een veeleisende omgeving of soms gewoon door de druk die ik mijzelf heb opgelegd door mijn lat te hoog te leggen. Welke lessen kunnen wij leren uit een vergelijking van deze twee situaties?

  1. ‘Een goed begin is het hele werk’. Wanneer de start al niet klopt dan vervallen we in compenseren, zijn we reactief en daarmee niet meer of veel minder in staat om zelf te sturen. Het kost veel energie en levert niets extra’s op.
  2. Versnellen lijkt misschien de snelste manier maar het geeft vaak ook stress. We verliezen dan overzicht en moeten alsnog vertragen wat juist leidt tot vertraging. Versnellen of gas geven terwijl wij al onder druk staan kan daarbij zelfs schadelijk zijn. Door eerst wat te vertragen en pas onderweg onze snelheid opvoeren hebben wij bovendien een betere grip op de situatie.
  3. Sensitiviteit: ontspanning en sensitiviteit hangen met elkaar samen. We kunnen dan aanvoelen aan wat onze omgeving van ons vraagt en daar direct op inspelen. Dit kan directe tijdwinst opleveren.
  4. Na een gespannen rit hebben wij hersteltijd nodig. Hebben wij ontspannen gereden dan zijn wij direct na afloop klaar voor een volgende rit, bocht of uitdaging. Ook dit geeft tijdwinst ten opzichte van een meer stressvolle rit.
  5. Plezier: rust, ruimte, overzicht en tijd om te genieten van de omgeving. Op ieder moment klaar en in staat om bij te stellen als de situatie daarom vraagt. Een duurzame en wendbare staat van zijn. Terwijl wij onder druk die ruimte helemaal niet zo beleven. We zijn minder flexibel en zullen eerder reageren met weerstand. Bovendien maakt een stressvolle rit onzeker terwijl bij een ontspannen rit ons zelfvertrouwen juist toeneemt.

Gulden regel

In onze snelle en vluchtige samenleving is het zeer verleidelijk in te haken op alle ontwikkelingen die wij via de diverse informatiekanalen voorbij zien komen. Natuurlijk willen we allemaal bijblijven want ‘stilstand is achteruitgang’. Tussen stilstand en te vroeg versnellen valt echter veel te kiezen. De juiste snelheid is voor iedereen anders en voor ieder bedrijf verschillend. Een gulden regel: doseer bij nieuwe situaties je snelheid door liever eerst wat vertragen om vervolgens vanuit een comfortabele snelheid gecontroleerd te versnellen. Zo houden we overzicht en voorkomen dat wij vervallen in compensatiegedrag. Eerst wat bijremmen en dan gedoseerd gas bijgeven. Per saldo gaan we dan het snelst vooruit. Ons vertrouwen groeit en het nodigt uit tot meer.

Deze regel neem ik ook in acht tijdens mijn aikidolessen. Zo gaf ik eens les aan een groep beginnende aikidoka’s. Een jonge vrouw had veel moeite met rollen en valbreken, een belangrijke basisvaardigheid in deze kunst. Zou ik haar op het tempo van de groep laten doortrainen dan zou haar angst alleen maar groter worden (kramp) en daarmee het risico op blessures (de bocht uit vliegen). Waarschijnlijk zou ik uiteindelijk een leerling verliezen. Door het tempo te verlagen en de vorm van de oefeningen aan te passen (bijremmen) tot een niveau waarop zij zich comfortabel genoeg voelde om haar grenzen te verkennen (ontspannen, grip) kon zij wel mee. Nadat haar vertrouwen was gegroeid konden we moeiteloos versnellen.

Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen hieromtrent. Deel ze hier onder.

Dit bericht heeft 2 reacties
  1. Mooi verhaal Peter! Heel herkenbaar ook, zowel van de motor als vanuit het werk. De energie-impuls van het gas er op levert op korte termijn een lekker gevoel, maar kost uiteindelijk meer tijd en bijna altijd “schade” . Dat laatste wordt echter niet gezien of niet toegeschreven aan het “gas erop” moment. Toepassen van remmen blijft nog moeilijk omdat het voor de organisatie vaak ‘tegennatuurlijk’ voelt. Wel mooi als het toch lukt!

    1. Dank voor je reactie Leonard. Binnen teams gaat het eerder om wat bijremmen, de snelheid zodanig doseren dat iedereen mee kan komen. Levert enorm veel op en niet alleen in termen van productiviteit. Werken mag ook leuk zijn toch :).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Top